Kwaliteit van werk verhogen

COV-kwaliteit
Krantenkoppen als “Straf klaplopers in ons onderwijs meer af” (1) kunnen we missen als kiespijn. Het is hondsbrutaal en draagt niets bij aan de essentie van het debat over de kwaliteit van het werk van leraren.
 
Afspraak cao XI
Uit een rapport van het Rekenhof uit 2016 bleek dat scholen de evaluatieprocedures te weinig gebruiken. Hiervoor zijn verschillende redenen. Daarom spraken we af met de werkgevers dat we zullen praten over de evaluatieprocedure. Een woord is woord. Samen zullen we kijken naar de mogelijke knelpunten en de raadgevingen vanuit het Rekenhof. In de cao staat klaar en duidelijk dat de belangrijkste aandachtspunten daarbij coaching, vermindering van planlast en rechtszekerheid voor de personeelsleden zijn.
 
Geen ‘afstraf’-procedures
Wie het idee van een ‘afstraf’-procedure op tafel legt om de kwaliteit van het werk mogelijk te verhogen, slaat de bal mis. Op geen enkele wijze zal het COV dit aanvaarden. Veel interne en externe kwaliteitszorgsystemen, ook buiten onderwijs, hebben ons geleerd dat wie verkeerdelijk de nadruk legt op procedures een eindresultaat beneden alle peil kan realiseren. Het installeren van procedures die leiden tot angst of onderlinge concurrentie is dus geen goed vertrekpunt.
 
Essentie van leraarschap
Het effect van werk in onderwijs is niet onmiddellijk en helemaal meetbaar. Hoe dikwijls gebeurt het niet dat een volwassene, tijdens een toevallige ontmoeting, een juf of meester aanspreekt en zegt: “Wat jij voor mij gedaan hebt vergeet ik nooit. Ik zou niet gestaan hebben waar ik nu sta.” Toch is deze vaststelling geen vrijgeleide. Onderwijswerk vraagt professionele autonomie gebaseerd op doelgerichte reflectie en verantwoording. Dit vraagt tijd om in vertrouwen te kunnen blijven stilstaan bij het eigen handelen, de waarden en de effecten van het handelen. 
 
Juiste inzet
Scholen moeten de mogelijkheid hebben om in teams te werken aan het optimaliseren van het leren en de leerresultaten van leerlingen. Schoolleiders moeten in staat zijn deze processen aan te sturen. Deze mogelijkheden zullen in belangrijke mate bepalen of leraren kunnen groeien of zullen stagneren in hun ontwikkelingen. Daarom kan voor ons het debat over de evaluatieprocedure niet los gezien worden van het mogelijke resultaat van de debatten over de loopbaan, het schoolleiderschap en het versterken van het basisonderwijs.
 
Antipolitiek
Ondanks het ongenoegen over de hoge werkdruk, de te krappe omkadering, maatregelen die te traag op gang komen, de groeiende uitdagingen binnen de schoolorganisatie blijven de sociale partners overleggen. Inhoudelijk is het nog zoeken naar overeenstemming. Onze neuzen staan in dezelfde richting: hoe maken we samen werk van een sterke professionele werkomgeving in het basisonderwijs. Dit is hoopvol. Tragischer is de antipolitiek die stokken in de wielen steekt.
 
Politieke klaploperij
We kunnen er niet omheen. Het is een publiek geheim. De competitie tussen de regerende politieke partijen om onderwijsdossiers niet meer te laten slagen, of geen investeringen meer te gunnen is groot. Is het belang van de politiek om de volgende beleidsperiode met een blanco blad te kunnen starten groter dan het belang van onderwijs? Zulke politieke spelletjes zijn vernietigend. Het is politieke klaploperij! Het is nefast voor de kwaliteit van het werk van leraren. De belangrijkste politieke overtuiging is niet de belofte voor morgen maar het oplossen van de noden vandaag!
 
Marianne Coopman
Algemeen secretaris
 
(Hoofdartikel uit Basis-6, 2018)
 
(1) De Standaard, 18 juni 2018