Pensioencomité legt basis voor laatste ronde zware beroepen

COV-begrotingsmaatregelen
Vandaag melden de kranten een belangrijke doorbraak in het dossier van de zware beroepen.  Daarom verspreidt het COV en de COC samen onderstaande persmededeling. Voor COV en COC is het alvast duidelijk: de onderwijssector moet als zwaar beroep erkend worden. Het is namelijk niet zonder reden dat de Vlaamse Regering werk wil maken van een herwaardering van het onderwijsberoep.

Het secretariaat van het Nationaal Pensioencomité (NPC) heeft gisteren, donderdag 26 oktober, een aantal oriëntaties voorgesteld die de basis zullen vormen voor verdere onderhandelingen over zware beroepen in de openbare sector. Dit moeilijke dossier is zeker nog niet afgerond. Maar er liggen nu een aantal opties op tafel over het effect van een erkenning als zwaar beroep op het pensioen.

Vorig jaar was in het NPC afgesproken dat vier criteria zouden worden gebruikt om de zware beroepen te omschrijven (fysiek zwaar werk, belastende werkorganisatie, belasting door verhoogde veiligheidsrisico's, mentale of emotionele belasting). Door het mislukken van het overleg voor de privésector was daarover onzekerheid ontstaan. De vertegenwoordiger van de minister van Pensioenen heeft tijdens de besprekingen bevestigd dat voor de openbare sector deze vier criteria effectief zullen worden gebruikt om te bepalen welke situaties een erkenning als zwaar beroep krijgen. 

Hoe meer criteria van toepassing zijn op een beroepsgroep, hoe meer dat zal doorwegen voor de berekening van de loopbaanjaren die nodig zijn om aan de voorwaarden voor vervroegd pensioen te voldoen. Die jaren krijgen dus een groter ‘gewicht’. Ook het aantal jaren dat men in een zwaar beroep gepresteerd heeft, is van belang. In onderwijs is op zijn minst het criterium ‘mentale of emotionele belasting’ belangrijk.

Zowel COV, COC als de andere onderwijs- en overheidsvakbonden sturen er vooral op aan dat personeelsleden op die manier de mogelijkheid hebben om vroeger met pensioen te gaan. Wanneer iemand gedurende een voldoende aantal jaren een zwaar beroep heeft uitgeoefend, en de criteria wegen zwaar genoeg door, zou het mogelijk worden om ten vroegste vanaf 60 jaar vervroegd met pensioen te gaan (vanaf 2019 is de normale leeftijd voor het vervroegd pensioen 63 jaar voor zover men 42 in aanmerking komende jaren telt). Wie toch langer blijft werken, krijgt een hoger pensioen.

De regeling zware beroepen komt in de overheidssector en onderwijs in de plaats van de speciale pensioenbreuken (tantièmes) die vandaag zorgen voor een voordeliger pensioenberekening. Voor wie genoot van zo'n speciale pensioenbreuk maar niet wordt erkend als zwaar beroep, komen er overgangsmaatregelen en garanties voor de pensioenberekening. Voor COC en COV is het alvast duidelijk: de onderwijssector moet als zwaar beroep erkend worden. Het is namelijk niet zonder reden dat de Vlaamse Regering werk wil maken van een herwaardering van het onderwijsberoep. Wij vragen dan ook dat de politieke partijen die zowel in de Vlaamse als in de Federale Regering zetelen, consequent zijn en hierop inzetten.

De komende maanden moeten nog verschillende punten worden uitgeklaard:
  • Eerst en vooral moet de lijst worden vastgesteld van de concrete situaties die worden erkend als zwaar beroep.
  • De overheidsvakbonden willen de zekerheid dat de voorziene budgettaire enveloppe volledig wordt gebruikt. Dat is immers een engagement dat de minister van Pensioenen al in april 2016 heeft bevestigd. Bovendien heeft de minister beloofd dat dit geen besparingsoperatie mag zijn.
  • Er moeten overgangsmaatregelen komen voor vroegere prestaties in zware werkomstandigheden voor mensen die tot nog toe geen speciale pensioenbreuk hadden
  • De vakbonden willen ook garanties over het behoud van de bestaande regelingen rond vervroegde uitstap die gebaseerd zijn op vroegere sectorakkoorden
  • En de vakbonden willen zekerheid over een gelijke behandeling voor contractuele personeelsleden (die juridisch gesproken onder het werknemersstelsel vallen).
Op die punten willen de overheidsvakbonden zeker nog vooruitgang boeken. We beschouwen de voorstellen van het secretariaat van het NPC wel als een duidelijke opening en een basis om de onderhandelingen verder te zetten.

We verwachten nu van de minister van Pensioenen dat hij concrete wetteksten ter onderhandeling uitwerkt. De besprekingen daarover zullen de komende maanden worden gevoerd in het comité A. Dat is het overlegorgaan voor het sociaal overleg voor de hele openbare sector. Ook onderwijs valt hieronder voor onder andere de pensioenen. Het is de bedoeling om de concrete wetteksten tegen begin 2018 te onderhandelen zodat het federaal parlement die nadien kan goedkeuren.

Marianne Coopman                                   Koen Wils
Algemeen secretaris COV                         Adjunct secretaris-generaal COC