Zoekend naar een BOS

COV-bos
Via hoorzittingen wou de Commissie Onderwijs meer zicht krijgen op de standpunten van vakbonden en onderwijsverstrekkers over de plannen van minister Crevits rond de Bestuurlijke Optimalisatie (BOS). Conclusies zijn er nog niet. Toch was het duidelijk. De visie en verwachtingen van de onderwijsverstrekkers onderling en de vakbonden zitten niet op één lijn. Hoe dan ook, het dossier zal volgend schooljaar moeten vastgepakt worden. De rechtsonzekerheid neemt toe.


Gedreven door beloftes

In 2020 houden scholengemeenschapen definitief op te bestaan. Een aanpassing van het decreet scholengemeenschappen of een decreet BOS is noodzakelijk. Gedreven door beloftes wordt in het onderwijsveld alvast druk overlegd over mogelijke samenwerkingsverbanden of schaalvergrootte organisaties. Niemand die kan bevestigen wat de afspraken of de voordelen werkelijk zullen zijn. Toch kan er binnenkort al uitgestapt worden uit de bestaande scholengemeenschappen. Dit is niet goed. Een algemeen behoud van scholengemeenschappen tot 2020 geeft voluit de kans om bestaande, goede samenwerkingsverbanden verder uit te bouwen.


Intenties nobel

Alleszins blijven voor het COV de intenties van een bestuurlijke optimalisatie nobel. Elk schoolbestuur moet zich zo kunnen organiseren dat het onderwijs waarvoor ze bevoegd is, goed is. De opdracht van een schoolbestuur is directeurs en schoolteams versterken om samen kwaliteitsvol onderwijs te realiseren. Het COV gelooft dat sterke schoolbesturen er kunnen in slagen om scholen financieel, materieel en personeelsmatig zo te organiseren dat er ruimte blijft voor autonomie voor hun scholen. Dit is belangrijk want elke school heeft zijn eigen identiteit. Dit is kostbaar en moeten we behouden. Bestuurlijke optimalisatie staat altijd ten dienste van de kernopdracht van onderwijs. Het gaat om schaalvergroting, geen schoolvergroting, en dit met behoud van de autonomie voor scholen.


Voordelen

Als de uitwerking van een decreet BOS goed wordt aangepakt, kan dit voordelen bieden voor het personeel. Zoals het bouwen aan evenwichtige en stabiele personeelsteams en de mogelijkheid om een open en versterkt personeelsbeleid met langetermijnvisie te creëren. Voor het COV blijft hierbij het Decreet Rechtspositie het uitgangspunt. Alleszins zou het meer mogelijk moeten zijn om in te zetten op werkbaar werk, taaklastverlaging, het creëren van loopbaanmogelijkheden, het zorgen voor meer en snelle werkzekerheid en betere aanvangsbegeleiding via een startersplatform.


Onderwijskundig beleid

Het is duidelijk. Voor het COV kan en mag een decretaal initiatief BOS niet leiden tot centralistisch top-down bestuur. Overkoepelende specialisaties en taakefficiëntie in schoolbesturen mogen niet leiden tot een ‘management’ dat los staat van de noden, de specificiteit of het medebeslissingsrecht van de verschillende scholen. De positie van de directeur is cruciaal. Voor het COV heeft elke basisschool recht op een directeur die de onderwijskundige processen aanstuurt. Onderwijskundig beleid hangt sterk samen met personeelsbeleid en met schoolorganisatorische aspecten. Je kan dit niet scheiden. Directeurs als professionele schoolleiders hebben nood aan autonomie en ruimte om hun verantwoordelijkheid te nemen en zo hun opdracht goed te doen. Hun opdracht kan niet verengd worden tot uitvoerder.


Basisonderwijs veilig stellen

Willen we de toekomst van basisscholen veilig stellen dan hebben scholen dringend nood aan meer administratieve en logistieke ondersteuning zodat krachtige schoolleiders kunnen focussen op hun kernopdracht. Dàt blijft voor ons een duidelijke prioriteit. Want voor het COV zijn de bomen belangrijker dan het BOS.
Marianne Coopman – Algemeen secretaris
(hoofdartikel uit Basis-6, 2017)