Het verschil maken

COV-het-verschil-maken
“Het water staat ons aan de lippen. Geef ons kleinere klassen. Geef ons meer ondersteuning. Zorg ervoor dat we tijd en ruimte krijgen om echt te kunnen geven wat elke leerling nodig heeft.” (*)  Bijna onmiddellijk nadat deze woorden worden uitgesproken zie je diezelfde leraren of directeurs hun onmacht wegslikken. Ze willen niet opgeven. Ze willen er zijn en blijven voor hun leerlingen.

Tijd en ruimte

Het probleem is dat die tijd en ruimte binnen de huidige organisatie van het onderwijs nauwelijks te vinden is. Naast de gemiddeld 26 leerlinggebonden lesuren moeten nog de leerlijnen worden uitgezet, de lessen voorbereid, de werkjes van de leerlingen geëvalueerd, de administratie op punt gezet, de klas opgeruimd, de toezichtroosters verzekerd, de rijen begeleid, de schoolfeesten voorbereid, geld worden ingezameld, de ontwikkeling van de leerlingen gevolgd, én de nodige zorggesprekken met het CLB, de zorgleerkracht, de zorgverleners en de ouders worden gevoerd. Er is geen tijd meer om samen een kop koffie te drinken. Leraren moeten vooruit, … altijd sneller, altijd gejaagder, altijd bezorgder.

Alles voor hun leerlingen

De cijfers van het ziekterapport  bewijzen het. De hoge werkdruk en de emotionele belasting eisen hun tol. Veel leerkrachten en directeurs geven dag in dag uit alles voor hun leerlingen. Elke dag zijn ze op post, ziek of niet. In de praktijk betekent dit echter vaak dat ze hun ziekte uitstellen. Ze werken tot ze er uitgeput bij neervallen. Op dat moment zit er niets anders op dan langdurig ziek thuis blijven. Dit is niet goed.

Toenemende zorg

In gesprekken benoemen leraren vooral hun zorg om de toenemende zorg. De debatten over meer inclusie, de ongerustheid over de toekomst van het buitengewoon onderwijs en de aanhoudende budgetneutrale context versterken de machteloosheid van leraren en directeurs.  Leraren willen er ‘kunnen’ zijn voor elke leerling. Ook als die leerling nood heeft aan extra zorg, een luisterend oor of wat meer uitdaging. Leraren weten dat vooral hun persoonlijke inzet het grootste verschil maakt in het leren van leerlingen. Leraren willen dat verschil maken. Samen. En dus is het belangrijk dat zij die tijd en ruimte krijgen om echt het verschil te kunnen maken.

Kwaadheid

Als met het ondersteuningsmodel dat de Vlaamse regering voor ogen heeft en het aangekondigde plan basisonderwijs de organisatie van het gewoon en buitengewoon basisonderwijs niet drastisch verbetert, zal de machteloosheid omslaan in kwaadheid en komen er acties. Zorg dat leraren de tijd hebben om met elkaar in verbinding te gaan en samen met het hele team de beste onderwijsomgeving kunnen realiseren.
We willen niet meer dat de overheid, de partners en alle betrokkenen deze boodschap onder de mat vegen! We willen niet meer dat grote idealen worden aangekondigd maar de uitvoering ervan te wensen overlaat. We willen niet meer dat leraren ziek worden van hun werk. Leraren moeten de kracht blijven hebben om kinderen te dragen en hen met de glimlach om hun lippen aan te moedigen. Want wie draagt, wil ook gedragen worden. Onderwijspersoneel heeft de steun en versterking hard nodig. Het COV gaat hier met volle kracht voor. We laten jou niet los.

Marianne Coopman
Algemeen secretaris

(Hoofdartikel uit Basis-13)

(*) Dit zijn uitspraken van deelnemers aan de vijf debatavonden die het COV in november organiseerde over de consultatienota M-decreet.