Wereldlerarendag: waardeer leraren, verbeter hun statuut

Op 5 oktober 1966, 50 jaar geleden dus, stelden de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) en UNESCO hun “Aanbeveling over de sociale status en het statuut van de leraren” voor. In 146 korte paragrafen, verdeeld over 13 hoofdstukken zet het document uiteen wat de rechten en verantwoordelijkheden zijn van de leerkrachten van het basis- en secundair onderwijs. Er wordt gesproken over de lerarenopleiding, de continue professionalisering, de aanwerving, de loopbaan, de werk- en leeromstandigheden. Er worden aanbevelingen gedaan over de manier waarop leerkrachten moeten betrokken worden bij alle beslissingen die te maken hebben met onderwijs. Er wordt benadrukt hoe belangrijk het is om leraren de waardering en het statuut te geven dat nodig is om hun beroep goed te kunnen uitoefenen.
Hoewel er op 50 jaar veel veranderd is in onze samenleving, lijkt de aanbeveling ook vandaag nog heel relevant. Voor onderwijsvakbonden over de hele wereld blijft ze elke dag, en niet alleen op 5 oktober, een maatstaf of toetssteen om telkens opnieuw naar te verwijzen, wanneer de rechten van leerkrachten geschonden worden. Sinds 1994 is 5 oktober, de dag waarop de aanbeveling werd goedgekeurd, Wereldlerarendag. Elk jaar grijpen scholen, koepels, ouderverenigingen, parlementsleden, de minister, … die dag aan om hun waardering uit te spreken voor de leraar. Leraren worden helden genoemd, ze krijgen bloempjes en pluimen toegeworpen, ze worden in de watten gelegd. Andere organisaties wijzen diezelfde dag op het recht van alle kinderen op kwaliteitsonderwijs.
Hoe kijken Hilde Crevits, Lieven Boeve, Fred Van Leeuwen, Patriek Delbaere, Raymonda Verdyck, Theo Kuppens en Jos Schockaert aan tegen Wereldlerarendag? We stelden hen twee vragen:
1. Waarom vier jij op 5 oktober Wereldlerarendag?
2. In de ‘Aanbeveling over de sociale status en het statuut van de leraar’ wordt meermaals benadrukt dat de kwaliteit van onderwijs onlosmakelijk verbonden is met de status van de leraar en met zijn werkvoorwaarden. Wat versta jij daaronder?

Hilde Crevits, Minister van Onderwijs: 

“Ik wil er samen met jullie over waken dat onze leraren ook in de toekomst alle ruimte krijgen om een kei te zijn in hun vak en een held voor de klas.”
1. Onderwijs is en blijft bij uitstek mensenwerk. Het zijn immers niet zozeer sterke structuren en wetgeving die kwaliteitsvol onderwijs maken, maar vooral de mensen, de leraars, directies, het ondersteunend personeel, … zij die dag na dag het verschil maken voor onze leerlingen. Het enthousiasme en de inzet waarmee meer dan 130.000 leraren op 1 september voor een warm onthaal hebben gezorgd, was daar een zoveelste bewijs van. Daarom is het een mooie traditie om jaarlijks op 5 oktober onze leraren letterlijk en figuurlijk in de bloemetjes te zetten en te bedanken voor hun enorme inzet en groot hart voor ons onderwijs.

2. Een sterke leraar en een sterk schoolteam zijn de beste garantie voor kwaliteitsonderwijs. Ik wil ons onderwijspersoneel dan ook zoveel mogelijk autonomie en ondersteuning geven om die uitdagende missie ook in de toekomst te blijven waarmaken. Daarom wil ik samen met de onderwijspartners werk maken van een duurzame loopbaanhervorming waarbij we de basisprincipes van het personeelsstatuut zoals de vaste benoeming of de tijdelijke aanstelling van doorlopende duur onderschrijven, maar tegelijkertijd oog hebben voor bijsturingen die het lerarenberoep aantrekkelijker maken. Aanvangsbegeleiding, differentiatie en professionalisering zijn daarbij voor mij essentiële bouwstenen. Daarom ook lanceerden we Operatie Tarra met meer dan 70 concrete maatregelen tegen planlast. Ook van een investeringsplan op lange termijn, om de werking en de beleidskracht van onze basisscholen te versterken, willen we werk maken.
Ik ken het COV als een kritische maar constructieve partner die steeds de belangen van ons onderwijspersoneel centraal stelt. Het historisch akkoord in juni over de verloven met extra mogelijkheden op het vlak van professionalisering en zorg is daar een mooie bekroning van. Ik wil er samen met jullie over waken dat onze leraren ook in de toekomst alle ruimte krijgen om een kei te zijn in hun vak en een held voor de klas.

Lieven Boeve, directeur-generaal Katholiek Onderwijs Vlaanderen: 

“Het gevoel ‘gedragen’ te worden en als professional erkend te worden, draagt bij tot een positief arbeidsklimaat.”

1. 2016 is ook het jaar waarin het Decreet rechtspositie voor het gesubsidieerd personeel 25 jaar in voege is. Dit regelgevend kader geeft vorm en structuur aan de diverse ambten in onderwijs. Onderwijs is echter veel meer dan statuten en regels. Onderwijs komt tot leven door de inzet en bezieling van de vele mensen die er dagelijks in actief zijn. Jonge mensen mogen begeleiden in hun groei, hun leren, hun vorming … is een fascinerende opdracht. Dat leren is geëvolueerd tot levenslang leren en heeft tot doel de leerlingen zo goed mogelijk voor te bereiden op het volwaardig participeren in onze samenleving. Vorming geeft jonge mensen kansen om zichzelf ‘in vorm’ te brengen, en dit gaat veel verder dan ‘leren’ en ‘onmiddellijke inzetbaarheid’. De leraar speelt hierin een belangrijke rol omdat hij niet alleen verantwoordelijk is voor het leren van de leerling, maar ook voor zijn vorming. Vormend onderwijs heeft daarom nood aan gedreven leidinggevenden, aan leraren die met passie hun opdracht opnemen, en vooral, die hun leerlingen graag zien. 
Op 5 oktober willen we vanuit Katholiek Onderwijs Vlaanderen daarom alle leraren die elke dag opnieuw het beste van zichzelf geven, die met vuur en enthousiasme jonge mensen onderwijzen, die veel zorg dragen voor wie het moeilijker heeft, een pluim geven! Ze verdienen een stevige dankjewel, want de leraar kan écht het verschil maken.

2. Precies omdat we in de eerste plaats goed willen zorgen voor alle leerlingen die aan onze scholen en instellingen zijn toevertrouwd, dragen we ook uitdrukkelijk zorg voor de leraren en andere personeelsleden die met deze jongeren dagdagelijks aan de slag gaan. De zorg en betrokkenheid die personeelsleden zelf mogen ervaren, schept een inspirerend klimaat dat hen stimuleert om zelf grote aandacht te hebben voor de vorming en het welbevinden van de leerlingen. Daarom moeten we blijven inzetten op het aantrekken en motiveren van enthousiaste, creatieve en gedreven leraren. Concreet bedoelen we hier met ‘zorg’ (het creëren van) een werkomgeving die als ondersteunend, stimulerend, waarderend en respectvol wordt ervaren en die sterk bijdraagt tot de arbeidstevredenheid. Het gevoel ‘gedragen’ te worden en als professional erkend te worden, draagt bij tot een positief arbeidsklimaat waardoor zowel beginnende als meer ervaren personeelsleden genoegen blijven scheppen in hun werk. Katholiek Onderwijs Vlaanderen wil hiervoor (school)besturen en directies visie aanreiken en in de concrete uitwerking hiervan ondersteuning bieden.
Katholiek Onderwijs Vlaanderen wil als netwerkorganisatie samen met de andere onderwijspartners mee na denken over de herwaardering van het lerarenberoep, over het terugdringen van irriterende regeldruk, over differentiatie binnen de loopbaan, over de ondersteuning van de beginnende leraar, over kwaliteitsvolle lerarenopleiding en professionaliseringsmogelijkheden … Enkel wanneer leraren tijdens hun gehele loopbaan het evenwicht kunnen behouden tussen ondersteuning, erkenning en bevestiging enerzijds en uitdaging, stimulans anderzijds, zullen ze met ‘goesting’ blijven lesgeven. Leraren verdienen voor hun inzet en professionele engagement ten alle tijde appreciatie, respect en vertrouwen, en dat mogen we gerust, op deze dag, luidop nogmaals aan onze samenleving vertellen. 

Fred Van Leeuwen, secretaris-generaal van Education International: 

“Onderwijs en opvoeding vormen de basis van alle duurzame groei, van alle sociale en economische vooruitgang en van alle democratische ontwikkeling.”

1. Op 5 oktober staan we stil bij het feit dat de kwaliteit van het onderwijs - zo bepalend voor de kansen van kinderen - afhankelijk is van de inzet en vakbekwaamheid van leraren. Onderwijs en opvoeding vormen de basis van alle duurzame groei, van alle sociale en economische vooruitgang en van alle democratische ontwikkeling. Het leraarschap moet daarom worden gekoesterd, in de eerste plaats door onszelf, maar vooral ook door de politiek, door het openbaar bestuur, en door de samenleving als geheel. 

2. Hoewel de keuze voor het leraarschap zelden of nooit gemaakt wordt vanwege de geboden arbeidsvoorwaarden, moet niettemin worden vastgesteld dat slechte werkomstandigheden en lage lonen veel mensen afschrikt een loopbaan in het onderwijs na te streven. En van de jongeren die zich toch voor de klas wagen, verlaat een verontrustend hoog percentage het onderwijs weer binnen enkele jaren. Niet vanwege de sobere salariëring maar vanwege ontoereikende werkomstandigheden, variërend van te grote klassen, omvangrijke administratieve taken, onvoldoende bij- en nascholing mogelijkheden, maar vooral ook vanwege de beperkte tijd en vrijheid die leraren geboden wordt om hun lessen gedegen voor te bereiden en alle leerlingen tot hun recht te laten komen. Het is duidelijk dat de werkomstandigheden van de leraar de kwaliteit van het onderwijs beïnvloeden. In ontwikkelingslanden is er zelfs sprake van een noodsituatie. Daar zijn lonen vaak zo laag dat leraren een tweede of zelfs een derde baan moeten aannemen om het hoofd boven water te houden. Genoeg reden dus om onze nationale overheden er toe te bewegen de “internationale aanbeveling inzake de sociale status en het statuut van de leraar” (nu eindelijk eens) uit te voeren.

Patriek Delbaere, algemeen directeur OVSG:

1. “De juiste man of vrouw op de juiste plaats, dat is de kern van elk goed personeelsbeleid en dat willen we ook in onze scholen, centra en academies.”
‘Leraar’ is een beroep dat een wezenlijke bijdrage levert aan de maatschappij van nu en aan die van de toekomst. De leraar maakt het verschil, dat blijkt uit zo vele verhalen en schoolloopbanen. Hij of zij haalt het beste uit elke leerling, geeft kansen en zorgt ervoor dat talenten tot ontwikkeling komen. Hij of zij is niet alleen degene die kennis overdraagt, maar is ook coach, begeleider, opvoeder, organisator en mentor. De toekomst begint in de klas. Op die ene dag, 5 oktober, zetten we leraren terecht in de bloemen. In de overtuiging echter dat respect voor en vertrouwen in alle leraren een heel jaar lang vanzelfsprekend zouden moeten zijn.

2. De juiste man of vrouw op de juiste plaats, dat is de kern van elk goed personeelsbeleid en dat willen we ook in onze scholen, centra en academies. Een schoolbestuur heeft veelzijdige, competente en gemotiveerde leraren nodig om kwalitatief onderwijs te kunnen bieden. Maar hoe houd je die competente leraren gemotiveerd en gewaardeerd? Enerzijds heeft een schoolbestuur ruimte nodig om zijn leraren in te zetten, te coachen, te begeleiden en te ondersteunen. Anderzijds moeten ook de werkvoorwaarden en de zekerheid van een baan gegarandeerd kunnen worden. De onderhandelingen over de loopbaan van de leraar beschouwen we als een kans om al deze thema’s tegen het licht te houden en werk te maken van een actueel en waarderend statuut.

Raymonda Verdyck, afgevaardigd bestuurder GO!:

“Als we willen dat meer jongeren er voor kiezen om  leerkracht te worden, moeten we zorgen dat het lerarenberoep het aanzien krijgt dat het verdient.”

1. Omdat het mensen zijn die school maken! Er gebeurt heel wat binnen onderwijs, maar het zijn op de eerste plaats onze leerkrachten die zich elke dag met veel zorg en een groot hart voor onze leerlingen inzetten. Dat doen ze door hen te ondersteunen in hun ontwikkeling en door hen kansen te bieden. Zo dragen ze ook bij tot het samen leren samenleven, en maken ze vol enthousiasme het pedagogisch project van het GO! waar. Dat is een complexe en zeer veelzijdige uitdaging, en daarvoor verdienen leerkrachten het nodige respect. Soms beseft men onvoldoende dat het kiezen voor een lerarenloopbaan maatschappelijk gezien een van de meest relevante keuzes is die je kunt maken. Daarom moeten we leerkrachten de waardering te geven die ze verdienen, elke dag opnieuw. En op 5 oktober graag nog eens in het bijzonder, om ons daaraan te herinneren en hen nog eens extra in de bloemetjes te zetten.

2. We verwachten veel van ons onderwijs en hebben dan ook sterke leerkrachten nodig om dat waar te maken. Als we willen dat meer jongeren er voor kiezen om  leerkracht te worden, moeten we zorgen dat het lerarenberoep het aanzien krijgt dat het verdient. Kwalitatief onderwijs is onze beste garantie op een betere toekomst, en daarvoor hebben we sterke en inspirerende leerkrachten nodig. Dat veronderstelt op zijn beurt een sterke maatschappelijke status van de leerkracht, respect voor het beroep én aantrekkelijke werkomstandigheden. Voor het GO! is dat de inzet van het loopbaandebat: het bieden van werkzekerheid en begeleiding van jonge starters, blijvende professionalisering en expertise-uitwisseling en gevarieerde taken in de loop van de carrière. Op die manier wordt het lerarenberoep meer dan ooit veelzijdig en aantrekkelijk. 

Theo Kuppens, namens het VCOV-team:

“Beklijvend en gepast pedagogisch-didactisch handelen krijgt in onze samenleving niet de waardering die het verdient.”

1. Voor de Vlaamse Confederatie van ouders en ouderverenigingen (VCOV) zijn goede en professionele leraren van onschatbare waarde. Als ze voor leerlingen het verschil maken, doen ze dat ook voor ouders! ‘Goed’ verwijst voor ons naar het fundamentele respect dat elke leraar moet opbrengen voor de leerling en zijn ouders. Als dit aanwezig is, is het wederzijds respect erg groot! ‘Professioneel’ betekent voor ons dat een goede leraar in staat moet zijn gepast in te spelen op elke situatie in de relatie leraar-leerling-school-ouders. Leraren die we op handen dragen zijn niet alleen deskundig in hun vak. Ze geven enthousiast les en ‘gaan’ voor elke leerling om eruit te halen wat erin zit. Ze zetten in op ‘relatie’ met leerlingen (en hun ouders). Zo kunnen leerlingen optimaal groeien in hun onderwijsleerloopbaan.


2. Beklijvend en gepast pedagogisch-didactisch handelen krijgt in onze samenleving niet de waardering die het verdient. Resultaten en ‘winst’ zijn er van een andere orde dan in het bedrijfsleven. En toch waarderen ouders leraren heel erg! De status van leraren moet daarom genuanceerd bekeken worden. Gaat men uit van het materiële als norm, dan is het verhaal vlug geschreven. Leraren verdienen gemiddeld tot goed, maar naar extralegale voordelen en uitgebreidere professionaliserings-en doorgroeimogelijkheden worden ze stiefmoederlijk behandeld. Gaat men uit van normen als waardering, teamspirit, initiatief, afwisseling, kansen … dan heeft de lerarenjob alles in zich voor een prachtstatus. Uit het beleidsvoerend vermogen van een school, maar ook uit de beleidsvisie van de overheid moet blijken waar men met ons onderwijs naar wil evolueren voor welk type maatschappij. Het welzijn van mens en maatschappij staan daarbij voor ons voorop. Welvaart draagt daartoe bij. In de ideale onderwijswereld zou men de leraren niets mogen ontzeggen om die doelstelling waar te maken voor alle leerlingen. 

Jos Schockaert, projectmedewerker Studio Globo: 

“Besparen in onderwijs, afbouwen van uren, beknibbelen op ondersteuning … dat is uit den boze”

1. Saved by the bell is een laagdrempelige actie op de Internationale dag van de Leerkracht. We motiveren scholen om op 5 oktober de schoolbel eens extra lang te laten rinkelen. Met deze symbolische actie bedanken we de leerkrachten voor hun dagelijkse inzet, maar denken ook aan de situatie van zoveel miljoenen kinderen en leerkrachten die geen kans krijgen om goed onderwijs te volgen of te geven. Met Saved by the bell leggen we de nadruk op het universele recht van elk kind om basisonderwijs te krijgen. Door bij Studio Globo de belactie te organiseren, heb ik meer en meer verhalen en getuigenissen gehoord over hoe onderwijs een hefboom kan zijn voor ontwikkeling. Niet alleen voor het individuele kind, maar ook voor een hele gemeenschap of land. Daarbij is de rol van de leerkracht van onschatbare waarde, want de leerkracht kan het verschil maken. Een werelddag speciaal voor alle leerkrachten moet zeker de nodige aandacht krijgen. Het is ook een ideale gelegenheid om een aantal beleidsthema’s in de verf te zetten: vb. het 
leerkrachtenberoep moet de nodige waardering krijgen, wereldwijd moet er blijvend geïnvesteerd worden in onderwijs en in de lerarenopleidingen, de internationale solidariteit moet op peil blijven met voldoende ontwikkelingssteun voor landen die het moeilijk hebben om goed onderwijs te organiseren. Eigenlijk zou er elke week een World Teachers’ Day moeten zijn, zodat de thema’s het hele jaar door voldoende aandacht krijgen.

2. In heel wat landen wordt het beroep van leerkracht onvoldoende gewaardeerd, vooral op financieel vlak. Mensen die voor de klas staan en die zich nadien nog zorgen moeten maken over hoe ze met hun gezin moeten overleven … dat kan niet de bedoeling zijn. Leerkrachten moeten zich volledig kunnen wijden aan hun taak zodat er kwalitatief onderwijs kan aangeboden worden aan de kinderen en jongeren. Dat begint bij de rekrutering en de opleiding van de leerkrachten. In heel wat landen staat die lerarenopleiding op een heel laag pitje of is er zelfs onbestaande. Investeren in een degelijke lerarenopleiding waar goede onderwijsmethodieken worden aangeleerd is dus een prioriteit. De leerkracht moet ook kunnen lesgeven in de beste omstandigheden: goede infrastructuur en aangepast lesmateriaal. Ook dat hoort voor mij bij het statuut en de werkomstandigheden van de leerkracht. We denken dat het in de ontwikkelingslanden niet zo goed gaat met de kwaliteit van het onderwijs. Ik heb dat zelf ook meerdere malen kunnen 
vaststellen, maar ook hier bij ons moeten we voldoende middelen blijven voorzien om het onderwijspeil op niveau te houden. Besparen in onderwijs, afbouwen van uren, beknibbelen op ondersteuning … dat is eigenlijk uit den boze. Ja, kwaliteitsonderwijs begint bij de leerkracht en dat moet de hele gemeenschap blijven waarderen.

Artikel uit Schoolwijzer Basis 10, 2016, Lies Van Rompaey

Leraar is geen beroep als een ander. Een leraar kan impact hebben op mensen voor de rest van hun leven. In het Edito van Basis 10 schreven we een eerbetoon: