Ondersteuningsmodel

17-03-17-COV-master
Na twee schooljaren met tijdelijke maatregelen, de (pre)waarborgregeling en de GON-bevriezing is het hoog tijd voor een kwaliteitsvol ondersteuningsnetwerk. De middelen zullen terechtkomen waar de leerlingen met noden te vinden zijn. Voor het personeel van het buitengewoon onderwijs start op 1 september 2017 de uitrol van dit nieuwe model als een project van drie jaar. Zo kan de verschuiving van middelen en personeel geleidelijk gebeuren.
We geven hieronder een praktisch antwoord op de meest gestelde vragen over het ondersteuningsnetwerk. Heb je nog vragen of opmerkingen over het ondersteuningsnetwerk? Stuur een mail aan llse Ottoy.

Oproep: registreer je verplaatsingen als ondersteuner

De stuurgroep van het ondersteuningsmodel stelde een formulier samen om de verplaatsingen van de ondersteuners te registreren. Vul het excel-bestand nauwkeurig in. Lees de instructies die verschijnen als je op de grijze vakjes klikt. De invulperiode loopt vanaf 2 oktober tot 17 november 2017. Terugsturen doe je ten laatste tegen 22 november via mail aan ondersteuningsnetwerken.agodi@vlaanderen.be.

Wie is mijn werkgever als ik als ondersteuner aan de slag ga?

Je bent aangesteld en blijft verbonden aan de school voor buitengewoon onderwijs in het ondersteuningsnetwerk. Het schoolbestuur van de school voor buitengewoon onderwijs is dus je werkgever en niet de school of scholen gewoon onderwijs of het netwerk waar je als ondersteuner werkt.

Moet ik solliciteren voor een baan als ondersteuner?

Omdat werken als ondersteuner niet verplicht kan worden en dus vanuit een vrije keuze gebeurt, zal je voor deze baan inderdaad moeten  solliciteren. Het schoolbestuur van de school voor buitengewoon onderwijs schrijft de vacatures uit en bepaalt hoe jij je kandidaat kunt stellen. De betrekkingen voor ondersteuners worden immers ingericht in een school voor buitengewoon onderwijs.

Wie kan hiervoor solliciteren?

Zowel tijdelijke als vastbenoemde personeelsleden kunnen bewust kiezen om als ondersteuner aan de slag te gaan in een school van buitengewoon onderwijs. Een ondersteuner moet gemotiveerd en overtuigd de nieuwe uitdaging aangaan. Ieder personeelslid start als tijdelijk personeelslid voor bepaalde duur van maximaal één schooljaar. De school kan het personeelslid het volgende schooljaar wel opnieuw aanstellen. Vastbenoemden kunnen in een opdracht als ondersteuner stappen via een tijdelijk andere opdracht (TAO). Het kan ook als een reaffectatie of wedertewerkstelling indien je ter beschikking gesteld bent wegens ontstentenis van betrekking. Je rechten als vastbenoemde blijven behouden.
Als ondersteuner bouw je verder dienstanciënniteit, geldelijke en sociale anciënniteit, … op. Je ontvangt het salaris dat bij het ambt hoort waarin de betrekking van ondersteuner is ingericht. De betrekkingen van het project komen niet in aanmerking voor vacant verklaring, vaste benoeming, affectatie of mutatie.

Kan ik verplicht worden als ondersteuner te werken?

Neen, werken als ondersteuner doe je altijd vanuit je eigen engagement en vrije keuze.
Ook is het zo dat een schoolbestuur van het buitengewoon onderwijs niet kan worden verplicht een personeelslid toe te wijzen als ondersteuner via reaffectatie of wedertewerkstelling. Het personeelslid kan nooit worden verplicht de betrekking als ondersteuner bij wijze van reaffectatie of wedertewerkstelling op te nemen.

Wat als ik TBSOB ben?

Bij een terbeschikkingstelling wegens ontstentenis van betrekking (TBSOB) kan je vrijwillig aangesteld worden als ondersteuner en dan geldt dit als een reaffectatie of een wedertewerkstelling voor de duur van het schooljaar. Wanneer je deze toewijzing niet aanvaardt, blijft de gewone regelgeving van reaffectatie en wedertewerkstelling van toepassing. Dat betekent dat je schoolbestuur nagaat of een reaffectatie of wedertewerkstelling in je eigen school mogelijk is, bijvoorbeeld ter vervanging van een collega die als ondersteuner gaat werken of een verlofstelsel neemt. Wanneer in je eigen school geen vacature beschikbaar is, bekijkt men of er een betrekking is in een andere school van het schoolbestuur binnen de scholengemeenschap.
Geen aanstelling mogelijk in de eigen school of in een andere school van het schoolbestuur? De reaffectatiecommissie van de scholengemeenschap buigt zich over jouw TBSOB en zoekt een vacature waar je kan worden in gereaffecteerd of weder tewerkgesteld. Een vacature kan zowel een vacante betrekking zijn als een vervanging van ten minste 10 dagen.

In welk ambt word ik aangesteld?

De scholen buitengewoon onderwijs ontvangen extra lestijden en extra uren waarmee betrekkingen in volgende ambten kunnen worden ingericht: onderwijzend personeel: kleuteronderwijzer ASV, onderwijzer ASV, leermeester ASV braille, …en paramedici: ergotherapeut, kinderverzorger, logopedist, kinesist en verpleger alsook orthopedagoog, psycholoog, arts en maatschappelijk werker.
Je wordt dus in één van deze ambten aangesteld.

Als ik TADD ben in mijn ambt van onderwijzer ASV, maar ik word ondersteuner, behoud ik dan mijn recht op TADD?

Je behoudt je TADD recht als onderwijzer ASV in de school of scholengemeenschap waar je dit recht hebt opgebouwd. Je TADD recht geldt niet voor je aanstelling in het ondersteuningsnetwerk omdat dit een project is voor de periode van drie schooljaren. Dit betekent dat je een opdracht als ondersteuner niet kan opeisen omdat je TADD’er bent. Een schoolbestuur is niet verplicht om eerst de TADD’ers aan te stellen als ondersteuner. Het schoolbestuur heeft de keuze tussen vastbenoemden, TADD-ers en tijdelijken. Terwijl je werkt als ondersteuner bouw je wel rechten op in het ambt waarin de betrekking is ingericht, in jouw geval als onderwijzer ASV.

Behoud ik als vastbenoemde hetzelfde loon als ik tijdelijk ondersteuner word?

Je kan als vast benoemd personeelslid via het stelsel TAO (tijdelijk andere opdracht) als ondersteuner werken in het netwerk. Je wordt dan als vast benoemde betaald volgens het onderliggende ambt waarin je bent aangesteld. Als dit ambt hetzelfde is als jouw oorspronkelijke ambt, verandert er niets aan je salaris. Neem je TAO naar een beter betaald ambt, zal je salaris mee verhogen. Neem je TAO naar een minder betaald ambt, bijvoorbeeld van directeur naar onderwijzer ASV, word je betaald als onderwijzer ASV. Je blijft geaffecteerd aan de school waarin je vastbenoemd bent.

Kan ik benoemd worden?

De eerste drie schooljaren is een benoeming als ondersteuner niet mogelijk. Alle betrekkingen zijn tijdelijk en komen niet in aanmerking voor vacant verklaring, vaste benoeming, affectatie of mutatie.
Als je aan alle voorwaarden voor een vaste benoeming voldoet, kan je wel in een vacante betrekking van de school voor buitengewoon onderwijs benoemd worden.

Kan een paramedicus als ondersteuner werken?

Ja, een paramedicus kan als ondersteuner werken. De scholen buitengewoon onderwijs ontvangen r extra uren waarmee betrekkingen in volgende ambten kunnen worden ingericht: ergotherapeut, kinderverzorger, logopedist, kinesist en verpleger alsook orthopedagoog, psycholoog, arts en maatschappelijk werker.

Kan ik TAO combineren met een ander verlofstelsel?

Als je vast benoemd bent, kan je voor een deel van je opdracht TAO nemen om als ondersteuner te werken. Voor de rest van je opdracht kan je verlof nemen als je aan de specifieke voorwaarden voldoet voor het gewenste verlofstelsel. TAO kan je dus combineren met een andere dienstonderbreking. Je bent bijvoorbeeld volledig vast benoemd als onderwijzer ASV en je wil graag 6 lestijden als ondersteuner combineren met 5 lestijden als onderwijzer ASV in je school buitengewoon onderwijs. De overige 11 lestijden wil je een verlofstelsel opnemen, bijvoorbeeld ouderschapsverlof. Deze combinatie is mogelijk.

Wat is mijn prestatieregeling als ondersteuner?

Alle ondersteuners hebben dezelfde prestatieregeling. Je hoofdopdracht bedraagt 22 lestijden en bestaat uit ondersteuning van leerlingen en leerkrachten(teams). Je schoolopdracht is gelijk aan 26 klokuren. Professionalisering, overleg en samenwerking, coördinatietaken en ook de dienstverplaatsingen behoren allemaal tot de schoolopdracht.

Wie zal de coördinatie op zich nemen?

Wie zal coördineren hangt af van de lokale situatie en is zeker onderwerp van overleg binnen het ondersteuningsnetwerk. Als extra lestijden of extra uren worden ingezet voor een coördinerende opdracht, dan moet daarover een akkoord bereikt worden in elk lokaal comité van de scholen in het ondersteuningsnetwerk. Dit zijn immers lestijden of uren die niet meer kunnen ingezet worden voor ondersteuning op de klasvloer in de scholen voor gewoon onderwijs. De coördinatie kan tot de opdracht behoren van het personeelslid dat als ondersteuner werkt.

Moet mijn school aansluiten bij een netwerk van eigen net?

Scholen treden toe tot een ondersteuningsnetwerk in hun werkgebied. Alle partners zijn gelijkwaardig en het buitengewoon onderwijs heeft de regie. In principe is elke school vrij om te kiezen tot welk netwerk hij toetreedt.

Hoe worden de extra lestijden en extra uren verdeeld voor het schooljaar 2017-2018?

Volgend schooljaar krijgen de scholen voor buitengewoon onderwijs evenveel GON-begeleidingseenheden als dit schooljaar. Ze moeten deze inzetten als extra lestijden en extra uren voor ondersteuner.
Daarnaast verdeelt de Vlaamse Regering extra lestijden en extra uren aan de scholen voor buitengewoon onderwijs, op voorstel van de paritaire commissies. De scholen ontvangen van AGodi de dienstbrief met de omkadering. Over de aanwending van de extra lestijden en extra uren moet onderhandeld worden in het lokaal comité. In welke ambten worden hoeveel extra lestijden of uren ingericht? Bij de overweging moet een zo groot mogelijk behoud aan tewerkstelling voorop staan. Verder moet ook rekening gehouden worden met de vermoedelijke ondersteuningsnoden en de aanwezige expertise in het ondersteuningsnetwerk.

Hoe worden deze ondersteuningsmiddelen aangewend?

In principe moeten de middelen (begeleidingseenheden en extra lestijden en uren) aangewend worden voor leerling- of leerkrachtgerichte ondersteuning in de gewone scholen. Binnen het ondersteuningsnetwerk kan ook afgesproken worden om een deel(tje) te reserveren voor andere opdrachten in het netwerk. In dit geval moet verantwoord worden hoeveel middelen hiervoor gebruikt zullen worden en waaraan deze middelen zullen besteed worden. Deze uitzonderlijke aanwending heeft tot gevolg dat er minder middelen kunnen ingezet worden voor de rechtstreekse ondersteuning van leerlingen en leerkrachten in de gewone scholen. Daarom moet hierover in elk lokaal comité van de scholen binnen het netwerk onderhandeld worden tot een protocol van akkoord kan afgesloten worden.

Hoe kunnen scholen voor gewoon onderwijs binnen een ondersteuningsnetwerk een beroep doen op ondersteuning voor leerlingen type basisaanbod?

- Wanneer er een ondersteuningsnood bestaat, kunnen scholen voor gewoon onderwijs met leerlingen die een verslag type basisaanbod hebben en een IAC volgen, ondersteuning vragen binnen het ondersteuningsnetwerk waartoe ze behoren. Dit kan zonder dat de leerlingen eerst onmiddellijk voorafgaand 9 maanden buitengewoon onderwijs hebben gevolgd. De aard en intensiteit van de ondersteuning wordt in onderling overleg met alle betrokkenen verder bepaald.
- Voor leerlingen met een gemotiveerd verslag type basisaanbod blijft de voorwaarde van “minstens 9 maanden in buitengewoon onderwijs onmiddellijk voorafgaand aan”, behouden. Als een leerling start in het gewoon onderwijs na een periode van minstens 9 maanden buitengewoon onderwijs, en deze leerling voldoet aan de voorwaarden voor de opmaak van een gemotiveerd verslag, kan de school bij de start of in de loop van het eerste schooljaar ondersteuning vragen in het kader van het ondersteuningsnetwerk. De aard en intensiteit van de ondersteuning wordt in onderling overleg met alle betrokkenen verder bepaald.

Hoe zit het met mijn verplaatsingen als ondersteuner?

Wat is een dienstverplaatsing?
Alle verplaatsingen die je maakt vanaf je woonplaats naar de scholen van gewoon onderwijs zijn dienstverplaatsingen en moeten ook zo vergoed worden. We spreken hierbij van een traject van deur tot deur. Moet je op één dag naar twee of meer verschillende scholen gewoon onderwijs, dan is je hele parcours een dienstreis.
Voor de periode van 1 juli 2017 tot 30 juni 2018 bedraagt de vergoeding 0,3460 euro per kilometer. Een schoolbestuur dat een omniumverzekering heeft afgesloten, kan dit bedrag verminderen met maximaal 10%.
Ook dienstverplaatsingen met het openbaar vervoer worden bij afgifte van het vervoersbewijs helemaal terugbetaald.

Wat is woon-werkverkeer?
De dag waarop je enkel een opdracht hebt op de school buitengewoon onderwijs waar je aangesteld of geaffecteerd bent, geldt de gewone woon-werkverkeer regeling. 
Ga je bijvoorbeeld eerst vergaderen op je school buitengewoon onderwijs en moet je daarna nog naar een school gewoon onderwijs, dan is je hele traject een dienstverplaatsing. Blijft het die dag bij een vergadering en een overleg op je school buitengewoon onderwijs, dan is je afgelegde weg woon-werkverkeer.

Wie betaalt?
Je brengt al je kosten binnen bij je school buitengewoon onderwijs. Normaal gezien gebeurt de terugbetaling op het einde van de maand, volgend op de maand waarin de geldigheidsduur van het ticket verstrijkt. Ook de dienstverplaatsingen met de wagen worden maandelijks terugbetaald.